De laatste paar dagen heb ik Zuzana rondgeleid door Leiden. Best leuk, want ik ben nu met als met die Chicagose op allerlei plekken gekomen waar ik normaal nooit zijn gezicht zou laten zien, en die je als Leidenaar toch eigenlijk eens gezien moet hebben.
Gister de Molen de Valk bezocht, de enige originele oude molen die nog in leiden staat. Verder nog een echt hofje gevonden, de toegangspoorten tot de stad bekeken, fout geparkeerd, appeltaart gegeten, etc.
Voor vandaag staat een bezoek aan de Kuifje tentoonstelling in de agenda, en misschien nog een bezoek aan De Paap of een bezoekje Korsakov :-p. Een kroket sampelen is natuurlijk ook typisch Nederlands, maar das lastig als je geen vlees eet dus denk ik dat ik die Zuzana ga trakteren op een haring.
Gisteren heb ik het meegemaakt. Een warm geel licht, aan het eind van een lange afstand. Mijn enige doel was het licht te bereiken, en langzaam maar zeker kwam het licht ook dichterbij. Ik liep niet door een tunnel, maar het zou zomaar gekund hebben. Ik zag alleen het warme licht, en ik wist dat als ik bij het licht was, dat alles goed zou zijn.
Deze vraag was mij vorige week een paar keer gesteld. ‘Waar denk je aan’, alleen dan in het Engels. Meestal moest ik dan verklaren dat mijn gedachte leeg waren. Ik denk vaak helemaal niks, maar soms had ik toch wel een gedachte om in de groep te gooien.
Oh, en het is kerst!
Bijna had ik ‘r voor een weekje, de kat van Frank, maar helaas. Frank kwam, waarschijnlijk terecht, net op tijd tot de conclusie dat zijn kat, na een week bij mij in huis, nooit meer dezelfde zou zijn.